Etappe 3 Sloterdijk, Bos en Lommer en Mercatorbuurt

We lopen de Admiraal de Ruijterweg af naar het dorpje Sloterdijk. Daar ligt, ingeklemd tussen snelweg en kantoorgebouwen, een eilandje van echt oude huizen met midden in een klein kerkje, de Petruskerk. Het is veruit de oudste kerk op onze tocht. De kerk uit 1479, verloor honderd jaar later, bij de Alteratie Van Amsterdam, het voorvoegsel Sint uit zijn naam en was bijna 400 jaar protestants. Nu kun je er alleen maar trouwen, kerkdiensten worden hier niet meer gehouden. Rond het kerkje liggen graven, de meeste behoorlijk oud. Er wordt nog steeds begraven onder het lommer van oude iepen. Ze komen niet van om de hoek. Zelfs een man uit Apeldoorn heeft hier zijn laatste rustplaats gevonden.

 

Langs een rijtje Amsterdamse Schoolwoningen en de Badr moskee, gevestigd in een oude school, lopen we Bos & Lommer weer in. Vanaf hier is alles na de oorlog gebouwd in de toen trendy architectuur van de Delftse School. De woningen langs de Sara Burgerhartstraat zijn een fraaie voorbeeld van. Om de vier trapportalen is een beeldengroep van beeldhouwer André Schaller aangebracht. Steeds een man en een vrouw. De vrouwen zijn allemaal stichtelijk bezig. Ze lezen een boek of verzorgen een kind. De mannen verstrooien zich met trompetspel of druiven snoepen. 

 

De kerken uit de wederopbouwperiode waar we verder langs wandelen zijn meestal fraaie variaties op een doos. De eerste die we tegen komen is een oogverblindend wit. Prachtig geometrisch ramenpatronen doorbreken de strakheid van de witte betonplaten als de kruissteken in een tafellaken. Niet voor niets heet dit gebouw in de volksmond het Theelichtje. Het gebouw oogt als een moskee, maar werd in 1954 gebouwd als de Gereformeerde Pniëlkerk. Nu is het een levendig cultureel centrum. Het cafe-restaurant verkoopt aan de deur tijdens de Corona lock down Marrokaanse lunchboxen om mee te nemen. "Ik wordt heel blij van dit gebouw. Weten jullie dat dit vroeger een katholieke kerk was", vertelt de barvrouw met donkere krullen spontaan. "Ik kan me nog goed herinneren dat ik hier als kind ben geweest met mijn vader", vertelt Herman die ons vergezelt. "Wij kerkten in de Vrijzinning Hervormde Westerkerk, maar soms wilde de ouwe weleens een andere predikant of organist horen." Hier was de trekpleister het orgelspel van Rob van Dijk, de broer van pianist Louis. Koster van Dijk was bij een kerkfusie met de Prinsessekerkgemeente hier heen getrokken. "Deze kerk was dus protestants", weet Herman heel stellig. Thuis zoeken we het uit. Tot 2000 kwamen zowel gereformeerden als hervormenden bijeen al dan niet in samengevoegde vorm. Toen zelfs fusies van protestantse broederkerken niet meer hielpen om de kerk te vullen, kwamen de Servisch Orthodoxen hier nog een tijdje samen. Dus niet alleen Herman maar ook de barvrouw heeft gelijk.

 

Ook de Lutherse Augustanakerk uit 1957 is een doos. Niet van wit beton maar van grijsbruine baksteen. Aan de zijkant zit een enorm kruis tegen de muur. Afgezien van een kapel waar voorbijgangers een kaarsje kunnen branden en rustig contempleren, zijn hier geen gebedsdiensten meer. Voor de deur staat een man met zijn fiets geduldig op zijn vrouw te wachten. "Die is nog even wat spulletjes bij elkaar aan het zoeken", lacht ie vriendelijk. "Ja ik woon hier samen met 25 andere mensen. Jong en oud door elkaar. Allemaal met de intentie om voor elkaar te zorgen." De Lutherse diaconie, nog steeds eigenaar, selecteert de bewoners. Daarmee past de Augustanahof in een mooie Lutherse traditie: het hofje. Niet meer voor begijnen maar voor een doorsnede van de Amsterdamse bevolking.

 

We steken het bruisende Erasmuspark door om een andere dooskerk te bewonderen. Niet voor niets maken we een fikse omweg door de Mercatorbuurt. Op het rustige Jan Mayenplein, een steenworp verwijderd van de drukte van de Jan Evertsenstraat en Mercatorplein, staat een pronkjuweel van de baksteenarchitetcuur van de Amsterdamse School: de Jeruzalemkerk uit 1929. Het roodbruine bakstenen gebouw staat met zijn rug tegen de koppen van twee woningblokken. Ook Amsterdamse School en ook roodbruine baksteen. Mooi een geheel. Blij verrast zien we dat de deur open staat. "Iedereen is welkom voor een gesprek of gebed", staat er op een bord voor de deur. Predikant Richard Saly in spijkerbroek en met een t-vormig kruisje om zijn nek, heet ons welkom samen met de sleutelbewaarder, een zestiger met grijs getinte brillenglazen. De van oorsprong Nederlands Hervormde kerk is een echt Gesamtkunstwerk van de hand van Ferdinand Jantzen, die ook de tegenover gelegen school ontwierp.

In het sobere donkerbruine interieur trekken vooral de glas-in-loodramen, de lampen en het bijzondere orgel de aandacht. Het orgel bestaan uit twee symetrische delen aan weerzijde van het raam boven het koor. Zoals alles hier, rechthoekig en symmetrisch. Alleen een recente met zorg aangebracht werk- en overlegplek voor de buurt op het linkerbalkon verstoort de symmetrie enigszins. "Het is best wel moeilijk om een levende kerk te zijn in zo'n mooi monument. We zouden best wel de harde klapstoeltjes willen vervangen. Dat kan niet nu het een Rijksmonument zijn", vertelt Richard, die ons ook trots de zaaltjes en kamers achterin de kerk laat zien. Allemaal even gaaf. Ik vraag hem welke ontwikkelingen hij in zijn gemeente ziet. "Dat de bevolking van de Baarsjes snel verjongd, zie ik ook terug in de samenstelling van de kerkgangers, maar ik ben nog geen jaar hier predikant", relativeert hij. Nee hij heeft hier niet gesoliciteerd, hij is beroepen. Dat is een beter basis, vindt hij. "Het grote verschil is dat de kerkenraad actief zelfs een andere predikant zoekt die past bij de opvattingen die leven binnen de gemeente. 

 

En de volgende doos, de voormalige RK Sint-Josephkerk, is helemaal van grijs beton. De kloeke kerk naar een ontwerp van G.M.H. Holt werd in 1952 ingewijd en bijna veertig jaar later weer verlaten. Na een klimhal, een groep uitgeprocedeerde asielzoekers van We Are Here, zit er nu een kinderspeelparadijs in. De kerk is in de oude luister hersteld en aangewezen als Rijksmonument. Niet omdat het gebouw zo oogstrelend is, maar omdat het de eerste  ker was die zo gebouwd werd.