Nederland

Terug met Steven: De bottelroos verdween, Stahlbeton verscheen

De vliegende storm fluit de hele dag om onze oren. Het KNMI waarschuwt voor windstoten tot 100 kilometer per uur. Een uitgelezen dag voor een wandeling door ‘een restje duin achter de stad’ Den Haag met Steven van Schuppen, initiator van Op lemen voeten.

Terug met Vladimir & Hans: Alles is anders, maar zeker niet slechter dan toen

Hier is een groots landschap klein gemaaktTwee en dertig jaar geleden volgden twee jonge geschiedkundigen de schrijver A.E. d’Ailly te voet Amsterdam uit. Zij, Vladimir Mars en Hans Huijboom, deden daarvan verslag in Op lemen voeten 1982-2. In 1927 liet hun voorganger in zijn boek ‘Wandelen om Amsterdam’ zien hoe het ommeland van de hoofdstad door de verstedelijking was veranderd.

Een dagje op het eiland Middag

Even ten noorden van de stad Groningen liggen de sporen van het eeuwenoude verleden van het voormalige eiland Middag nog harmonieus bij elkaar. We wandelen langs oude getijdengeulen en rivieren, wierden, dijken, boerenhoeven en kerkjes. Niet voor niets werd dit eiland aangewezen als één van de twintig nationale landschappen. Een verzameling om goed te bewaren.

Cultuurhistorie van de Dollardpolders verdwijnt van de kaart

Deze kaartenserie van 1850 tot 1985 laat zien dat de verkaveling van de Dollardpolders rond het kerkhof van Oud-Midwolda ingrijpend is veranderd. Oudekerk of het Ol-Kerke is de plek waar het voormalige dorp Oud-Midwolda lag. In de 13de eeuw toen het water van de Dollard het dorp dreigde te overstromen, trokken de bewoners weg naar het een kilometer zuidelijkere Midwolda.

De geschiedenis van de bedijking en klassenstrijd in de Dollardpolders

Eindeloos land onder een enorme hemel. De leegte van de Dollardpolders wekt de indruk van een ongerept cultuurlandschap. Mensen heroverde hier immers polder na polder op de zee. Toch is in de 20ste eeuw deze landschapsgeschiedenis zeer rigoureus uitgegomd. De akkerbouw floreerde en eiste voldoende ontplooiingsmogelijkheden.

De cope van het land van Cocagne

In de 11e eeuw werden de uitgestrekte venen van Holland en Utrecht strak georganiseerd ontgonnen. Vanaf de oevers van veenstroompjes werden evenwijdig aan elkaar afwateringssloten gegraven. Zowel de lengte van de sloten als de breedte van de tussenliggende stroken waren aan vaste maten gebonden. De boerderijen lagen 120 meter van elkaar en de maximale lengte van de sloten 1250 meter. Deze ontginningsvorm staat bekend als "cope".

Pages